Stage Zuid Afrika, werken aan duurzaamheid deel 2.

Voetbalwedstrijd in Genadendal
In dit tweede deel vertellen Sport, Gezondheid en Management (SGM)studenten Jaap en Martijn over de doelstellingen waaraan zij werken tijdens hun stage in Genadendal, Zuid Afrika.
Door Jaap Kleinstapel en Martijn Bos
Zoals gezegd zijn wij vanaf de derde week, eind februari, echt begonnen met het werken aan de projecten. De Nederlandse lichting ISBS (Instituut Sport en Beweginigsstudies) studenten die in het eerste semester in Zuid Afrika stage hebben gelopen hebben voor ons een overdrachtsrapport geschreven. Hierin hebben zij beschreven wat zij hebben gedaan in de tijd dat zij in Zuid Afrika hebben gezeten, wat zij bereikt hebben en hoe wij het beste verder konden gaan met alle projecten. Daarnaast hebben ze ook een overzicht gemaakt van alle belanghebbenden per project en op welke manier wij deze belanghebbenden konden benaderen. Dit overdrachtsrapport heeft ons in de eerste weken erg veel geholpen om onze weg binnen de verschillende projecten en binnen Genadendal te vinden. De enige manier om de overdracht van de projecten nog beter te maken zou zijn dat de nieuwe lichting studenten in Zuid Afrika aankomen wanneer de eerste lichting hier ook is.
Nadat wij kennis hebben gemaakt met de verschillende projecten en de mensen die hierbij betrokken zijn, zijn Jaap, Suzan en Martijn begonnen met het schrijven van een plan van aanpak. Marloes studeert af in Genadendal is daarom minder betrokken bij alle projecten. In het plan van aanpak zijn doelstellingen opgenomen die wij in de korte periode dat wij hier zijn willen bereiken. Al deze doelstellingen zijn gericht op het sustainable maken van de verschillende projecten maar zijn slechts kleine stapjes voorwaarts in het gehele project.
De projectdoelstelling voor de periode februari 2006 t/m januari 2010 luidt als volgt:
‘Binnen vijf jaar zal binnen de gemeenschap Genadendal een sportinfrastructuur geïmplementeerd zijn welke bijdraagt aan economische en maatschappelijke ontwikkeling en sport voor iedereen toegankelijk is.’
De doelstellingen per project zijn als volgt:
Voetbal
– Het continueren van de jongens- en meisjes voetbalcompetitie, in samenwerking met de lokale bevolking.
– Het stimuleren van betrokkenheid vanuit de scholen richting het voetbal om ervoor te zorgen dat de competities ook daadwerkelijk blijven bestaan. (Continuïteit van het project)
– Het structuren van de trainingen voor zowel jongens als meisjes voetbal waarbij de nadruk komt de liggen op de inhoud van de trainingen.
– Zorgen dat er voldoende materialen aanwezig voor de trainingen.
Tennis
– Het stimuleren van de betrokken bij de Genadendal Tennis Club zodat zij zelf in staat zijn om toernooien, tennislessen en sponsoring op zich te nemen (duurzaamheid).
– Het structuren van de tennislessen op de High school en de Primary school in Genadendal, door middel van het regelen van vaste trainer(s) die in Genadendal verantwoordelijk is voor de tennislessen.
– Het organiseren van een vast terugkerend toernooi, om de kinderen en volwassenen in Genadendal enthousiast te maken ten aanzien van tennis.
– Een fundraising opstarten met als doel het verzamelen van financiën om materiaal aan te schaffen en de tennisbaan te reconstrueren.
– De omheining van de tennisbaan in Genadendal laten verplaatsen.
Voedingsprogramma
– Het invoeren van het voedingsprogramma in het curriculum, daarvoor is samenwerking van de principal van de L.R.Schmidt primary school nodig en een leraar die dit voedingsprogramma op zich wilt nemen.
PE lessons
– Zorgen dat de vijf sportcoördinatoren weer werkzaam worden op de drie basisscholen; L.R. Schmidt, Primary School Bereaville, Primary School Greyton.
Movement Elderly
– In de periode februari 2010 tot en met juni 2010 worden de bewegingslessen voor ouderen doorgezet in het bejaardencentrum in Genadendal.
Youth day
– Het combineren van de youth day met de opening van de Soccer World Cup 2010 op 11 juni.
Spirit of Sport
– Overleggen naar de mogelijkheden om in de toekomst samen te gaan werken met de stichting Spirit of Sport voor het ontwikkelen van een community sportclub.
Tijdens het werken aan de verschillende doelstellingen hebben wij veel contact met de lokale bevolking. Het werken met hen is heel erg leuk om te doen, ook al kan het soms erg frustrerend zijn. Iedereen in Nederland kent de ‘Afrikaanse’ manier van werken en die komt overeen met de werkelijkheid. In sommige van onze projecten worden door de belanghebbenden vele beloften gemaakt alleen niet nagekomen. Om deze reden ga je wel eens twijfelen waarom je hier eigenlijk bent en waarom het project eigenlijk opgezet is, als de lokale mensen zelf niet hun best willen doen om de projecten tot een succes te maken.
Gelukkig zijn er ook voldoende mensen waarvan je wel de benodigde steun en enthousiasme krijgt en dan ga je weer beseffen dat het gehele project grote voordelen kan hebben voor de ontwikkeling van de samenleving, mits je de juiste personen hebt. Om deze reden denk ik ook dat de verschillende projecten, van welke opleiding dan ook, gebaseerd moeten zijn op de behoeften van de samenleving en niet op wat wij als Nederlanders belangrijk vinden om te veranderen in een ander land. Daarom is het bij elk project erg belangrijk dat moet worden nagegaan wat de behoeften van de samenleving zijn, in welke mate zij daar zelf ook mee willen samenwerken en of de behoeften realistisch en haalbaar zijn om ze duurzaam neer te zetten. Dit is een punt waar in de toekomst goed over nagedacht moet worden.
Het leven in Zuid Afrika bevalt ons verder goed. Zo lang je af en toe tot ‘bezinning’ komt en nagaat welke redenen de lokale bevolking heeft om zich niet aan de afspraken te houden besef je ook wel dat zij hier een heel moeilijk leven leiden en besef je daarnaast ook hoe ontzettend goed wij het in Nederland hebben. Deze vergelijking is heel erg moeilijk om via papier over te brengen maar ik hoop dat iedereen die dit leest een keer een dag uitkiest en tijdens deze dag beseft hoe vanzelfsprekend wij alles in Nederland vinden en hoe het zou zijn als dit niet zo was.
Groeten uit Afrika!
Jaap Kleinstapel en Martijn Bos.