Dansend aansluiten of gillend afhaken?
Hoe scherpe vragen het beginproces kunnen versnellen van een collectieve woondroom
Op vrijdag 6 februari 2026 organiseerden wij als HAN (Lectoraat Kansrijk Ondernemen en Centre of Expertise Krachtige Kernen en
Wijken) samen met de Collectieve Huisvesters een Unconference in het Provinciehuis in Arnhem. Tijdens deze dag kwamen circa 90 mensen samen om praktijkervaringen rondom collectief wonen te delen, variërend van initiatiefnemers, procesbegeleiders, financiers, ontwerpers, beleidsmakers, woningcorporaties en onderzoekers. Geen vast programma, maar korte, energieke sessies waarin deelnemers zelf bepaalden wat op dat moment nodig was om collectieve wooninitiatieven verder te brengen.
De Unconference markeerde de start van een lerende community rond collectief wonen: een plek om kennis te delen, vragen te stellen en samen te zoeken naar wat werkt — en wat beter kan.
KIEM-onderzoek in de praktijk
Eén van de sessierondes stond expliciet in het teken van het lopende KIEM-onderzoeksproject van het lectoraat Kansrijk Ondernemen,
dat samen met de Collectieve Huisvesters wordt uitgevoerd en mogelijk is gemaakt door Regieorgaan SIA. In dit onderzoek staat de initiatieffase van collectieve wooninitiatieven centraal: de fase waarin losse woondromen moeten uitgroeien tot een robuuste groep met een gedeelde visie, die klaar is voor vervolgstappen richting ontwikkeling en realisatie. Een fase die wordt gekenmerkt door dynamiek in de groepsvorming, waarbij gelijktijdig nieuwe paden worden verkend en cruciale besluiten worden genomen. Daarin willen we achterhalen hoe deze fase effectief ondersteund kan worden om kwaliteit en succes te vergroten.
De sessie verzorgden we samen met creatieve professional Frank Los. De centrale vraag die in de sessie aan de deelnemers werd voorgelegd was scherp en prikkelend:
Welke vragen zorgen ervoor dat mensen zich dansend willen aansluiten — of juist gillend afhaken bij een collectieve woondroom?
De onderliggende gedachte: een scherpe, expliciete visie werkt niet alleen verbindend, maar ook selecterend. En juist die selectiviteit is cruciaal voor kwaliteit en toekomstbestendigheid.
Zes bouwstenen voor een robuuste visie
Als houvast voor de sessie werd gewerkt met zes bouwstenen om te komen tot een robuuste visie op collectief wonen:
- Kernmotivatie – wat drijft de groep echt?
- Gezamenlijk toekomstbeeld – hoe ziet het ideale wonen eruit?
- Ambitie – hoe ver willen we gaan?
- Waardenkader – welke principes zijn niet onderhandelbaar?
- Tijdshorizon – is dit tijdelijk of levenslang?
- Grensverwachtingen – waar stopt het collectief?
Deelnemers liepen in de ruimte langs deze bouwstenen en formuleerden per onderdeel vragen die hen in de praktijk helpen om als
groep keuzes te maken — niet alleen over wat men wíl, maar juist ook over wat men níet wil.
Van abstract naar concreet en soms confronterend
Wat opviel in de sessie, was hoe snel abstracte begrippen concreet werden zodra ze in vragen werden gevat. Zo ging het bij kernmotivatie niet alleen over waarom mensen samen willen wonen, maar ook over wat dat vraagt in tijd, inzet en energie. Niet: “Ben je bereid moeite te doen?” maar: “Wat is die moeite precies — en hoeveel uur per week is dat?”
De vragen hielpen deelnemers om hun eigen woondroom scherper te krijgen en onder woorden te brengen waar hun persoonlijke grenzen liggen. Zoals één deelnemer het verwoordde:
“Fijn om per bouwsteen vragen te hebben die je helpen om keuzes te maken. In wat je wel wil maar ook juist wat je niet wil.”
Een ander gaf aan:
“Door te formuleren en te noteren wat je niet wil kom je er achter waar je als groep voor staat / wil staan.”
De kracht zat daarbij niet in het vinden van snelle overeenstemming, maar juist in het expliciet maken van verschillen — in verwachtingen, waarden en ambities.
Groepsvorming als sleutel tot succes
Een belangrijk inzicht uit de sessie was het besef hoe bepalend groepsvorming in deze vroege fase is voor het verdere verloop van een initiatief. Eén deelnemer zei hierover:
“Groepsvorming is héél belangrijk om later als initiatief succesvol te worden. Dus belangrijk om hier genoeg tijd aan te besteden in de beginfase.”
Opvallend was dat deze realisatie niet voor iedereen vooraf vanzelfsprekend was. Een deelnemer gaf aan vóór de sessie heel anders over het belang van deze fase te denken. Door samen langs de vragen te lopen, ontstond meer bewustzijn over wat collectief wonen daadwerkelijk vraagt — en wat dat betekent voor jezelf én voor de groep.
Visie als levend instrument
De sessie liet zien dat een robuuste visie geen statisch document is, maar een levend instrument. De vragen helpen niet alleen bij het starten van een initiatief, maar ook bij het werven van nieuwe leden, het voeren van lastige gesprekken en het bijsturen wanneer spanningen ontstaan.
De opbrengst van deze Unconference-sessie vormt waardevolle input voor het KIEM-onderzoek en zal worden doorontwikkeld tot een ontwerptool die initiatiefgroepen helpt om hun gezamenlijke visie in beeld te brengen in de vorm van een praatplaat. Wat zal fungeren als een anker voor de groep die kan meegroeien met de woonreis — van initiatieffase tot lang na realisatie.
De Unconference liet daarmee zien waar de kracht zit van samen leren: door praktijkervaringen, onderzoek en ontwerpkracht te verbinden, ontstaan inzichten die collectieve wooninitiatieven daadwerkelijk verder helpen.