“Het sociale van dit project heeft meerwaarde!”

Leestijd: 3 minuten

Als studenten voor de master Circulaire Economie een onderzoek doen en project uitvoeren bij een organisatie in het werkveld, dan is dat vast en zeker iets wat te maken heeft met duurzaamheid en circulariteit, dan is dat ‘iets groens’.  

Het is precies wat Jesse de Klerk (22en Larissa Baars (28) voor ogen stond toen ze aan de HAN-master Circulaire Economie begonnen. Beide studenten hebben een passie voor de natuur en willen een bijdrage leveren aan het verduurzamen onze wereld. Toen hen vanuit de opleiding werd gevraagd om een onderzoek te doen bij het Nederlands Openluchtmuseum, werd al snel duidelijk dat het thema niet vergroening zou zijn. Wat werd het dan wel?

Smal en breed

Larissa legt uit: “Je hebt een smalle definitie van circulaire economie en een brede. Bij de smalle definitie gaat het om het sluiten van de kringlopen. Bij de brede definitie gaat het om veel meer. Daar kijk je, behalve naar ‘natuurlijke waarde’ ook naar andere waardesoorten, bijvoorbeeld intellectuele waarde en sociaal relationele waardeHet vraagstuk waar we bij het Nederlands Openluchtmuseum aan werken, heeft alles te maken met het sociaal relationele en het intellectuele.”

Voor élke Nederlander

“De culturele en creatieve sector is zich ervan bewust dat ze maar een deel van de bevolking bereikt”, vervolgt LarissaEen ander deel komt niet naar bijvoorbeeld musea. Onze samenleving is heel divers, denk aan de verschillende etnische achtergronden. Hoe kun je dan bijvoorbeeld de geschiedenis van Nederland zo benaderen en brengen dat elke Nederlander zich erin herkent?  
 
En als bepaalde groepen mensen niet naar het museum komen, waarom zou je als museum niet naar die mensen toegaan? En samen met hen het programma vormgeven in plaats van dat helemaal zelf te bedenken en dan hopen dat de mensen komen?

Samen met de wijk 

In de Arnhemse wijk Presikhaaf heb je de Presikhaaf University, een platform waar jongeren en kinderen samenkomen om te werken aan sociale en maatschappelijke vraagstukken. Jesse: “In ons project werken we intensief samen met deze Presikhaaf University. We vinden hier mooie aanknopingspunten, juist omdat de wijk Presikhaaf er één is van een grote etnische diversiteit.”  
 
“Wat we hier doen, kun je zien als een pilot. Stel, de uitkomst van ons onderzoek is een ‘ontwerp’ voor samenwerking tussen het Nederlands Openluchtmuseum en de Presikhaaf UniversitySamenwerking waarbij het museum haar doel van inclusiviteit beter bereikt én waardoor de wijk Presikhaaf verrijkt wordt. Dan is er meerwaarde voor beide partners! Bovendien kan dit ontwerp later ook gebruikt worden voor andere doelgroepen. 

Anderen inspireren 

Jesse: Ik geef toe dat ik in het begin wat aarzelend was om aan dit project te beginnen. Iets groens stond me eigenlijk voor ogen en even dacht ik: heb ik hier wel zin in? Maar ik word steeds enthousiaster! Ik ontdek dat ik mij wil blootstellen aan het sociale wat in dit project een grote rol speelt, ik wil me verdiepen in andere mensen: wat voelen ze, wat vinden ze.  
 
Want als ik na deze master organisaties ga begeleiden bij de omslag naar duurzaam ondernemen, dan zal het erop aankomen dat ik anderen kan inspireren en motiveren, iedereen: van de accountmanager tot de IT-er. Mezelf ontwikkelen tot change agent, dat is wat ik met deze master doe.

Inclusiviteit als fundament 

Ja, in deze master breng je je leiderschapskwaliteiten tot ontwikkeling”, bevestigt Larissa. “Je leert om transitieprocessen te leiden en begeleiden. Toch heeft het sociale voor mij ook nog een ander aspect. Als persoon ben ik begaan met de mens. Voor mij vormt inclusiviteit het fundament van een duurzame en circulaire samenleving. Als niet iedereen erbij hoort of als er ongelijkheid is, wat voor bodem en draagkracht heb je dan voor de groene transitie?”

Coronatijd

Ook aan dit project gaat de coronatijd niet voorbij. Het is samenwerken ‘vanuit de cloud’ geworden. Dat blijkt heel aardig te gaan: de projectpartners zijn goed bereikbaar en de opleiding biedt extra contacturen. Dat vinden we erg fijn en ondersteunend!”, vertelt Jesse. Larissa: “De eerste maanden dat deze master liep – het vorig najaar – zijn we als studenten een heel hechte groep geworden, daar hebben we ook hard voor gewerkt. Nu is het de kunst om dat vast te houden en elkaar niet uit het oog te verliezen!” 
 
Een sociaal project dus dat beide studenten uitvoeren, in een tijd die om extra aandacht voor het sociale vraagt.  
 
Janet Steenhuis 
9 april 2020 
De cloud: Amsterdam (Larissa) / Doetinchem (Jesse) / Arnhem (Janet)